
Wet op de waterhuishouding
Artikel 17
1
Een kwantiteitsbeheerder die water afvoert naar of aanvoert uit oppervlaktewateren in beheer bij een andere kwantiteitsbeheerder, alsmede die andere beheerder zijn in daartoe aan te wijzen gevallen verplicht gezamenlijk een waterakkoord vast te stellen. Voor zover deze verplichting rust op het Rijk, wordt zij door of vanwege Onze Minister nagekomen. Indien een kwantiteitsbeheerder niet tevens kwaliteitsbeheerder is, neemt ook de kwaliteitsbeheerder aan het waterakkoord deel. Een kwantiteitsbeheerder kan voorts een ander openbaar gezag uitnodigen aan het waterakkoord deel te nemen, indien dat openbaar gezag een waterstaatkundige taak vervult die niet door de kwantiteitsbeheerder wordt vervuld.
2
Een waterakkoord bevat bepalingen omtrent de wijze waarop de beheerders de af- en aanvoer van water ten opzichte van elkaar in het belang van de waterhuishouding regelen. Bij het stellen van deze bepalingen wordt rekening gehouden met de in de artikelen 5 en 9 bedoelde beheersplannen welke op de oppervlaktewateren waarop het waterakkoord betrekking heeft, van toepassing zijn.
3
Met betrekking tot de aanwijzing van de in het eerste lid bedoelde gevallen is artikel 16, vierde tot en met zesde lid, van overeenkomstige toepassing.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.